Leden van de OVSE Parlementaire Assemblee (OVSE PA) legden een driedaags werkbezoek af aan de Oezbeekse hoofdstad Tasjkent en aan Samarkand van 21 tot en met 23 oktober 2026. De zevenkoppige delegatie werd geleid door Eerste Kamerlid Farah Karimi (PRO), voorzitter van de ad hoc commissie migratie. Tweede Kamerlid Mpanzu Bamenga (D66), nam als lid van deze commissie deel aan dit bezoek.
De ad hoc commissie migratie van de OVSE PA bezocht Centraal-Azië voor het eerst. Doel van het bezoek was om meer inzicht te krijgen in de recente initiatieven van het land om reguliere arbeidsmigratie vanuit Oezbekistan naar de Europese Unie en andere landen te bevorderen via bilaterale overeenkomsten. Tegelijkertijd versterken de Oezbeekse autoriteiten hun inspanningen tegen irreguliere migratie. In de gesprekken werd bijzondere aandacht besteed aan de bestrijding van mensenhandel, de genderdimensie van migratie en de situatie van kinderen van migranten.
De gesprekspartners lichtten het geïntegreerde systeem voor arbeidsmobiliteit van Oezbekistan toe, met onder meer voorbereidingstrajecten voor vertrek, ondersteuning van Oezbeken in het buitenland en begeleiding bij terugkeer en re-integratie. Daarbij werd benadrukt dat bilaterale overeenkomsten zowel moeten aansluiten bij de arbeidsmarktbehoeften van het ontvangende land, als bij de ontwikkelingsdoelen van het herkomstland.
Farah Karimi: 'Terwijl Oezbekistan voor de uitdaging staat om werkgelegenheid te creëren voor een steeds beter opgeleide jonge bevolking, zijn veel economieën in Europa en Azië juist op zoek naar jonge, gekwalificeerde werknemers. Het samenbrengen van deze twee realiteiten via legale migratieroutes die de menselijke waardigheid respecteren en fatsoenlijk werk garanderen, is van groot belang.'
Karimi benadrukte dat het bijzonder waardevol was dat de delegatie vertegenwoordigers omvatte uit bestemmingslanden zoals Turkije, Duitsland, Oostenrijk en Nederland: 'Zij konden zich uit eerste hand informeren over het beleid en de praktijken die Oezbekistan ontwikkelt op gebied van legale migratie.'
Op vragen van Mpanzu Bamenga over het gevaar van brain drain antwoordden de autoriteiten dat niet te ervaren en hun beleid vooral te zien als vermeerdering van ervaring en kennis van hun burgers die tijdelijk in het buitenland verblijven.
Bamenga: 'Het was interessant te zien hoe in de trainingscentra, opgezet door de Oezbeeks overheid, jonge Oezbeekse mannen en vrouwen in zo'n negen maanden de Duitse, Japanse of Koreaanse taal leren om in die landen voor vijf jaar te gaan werken als verpleegster, chauffeur of automonteur, sectoren waar een personeelstekort is.' Men informeerde de delegatie dat met de MMBS Groep in Nederland onlangs een overeenkomst is gesloten voor de plaatsing van zo'n tachtig Oezbeekse werknemers in de bouwsector.
In Tasjkent vonden gesprekken plaats met de voorzitter van de Wetgevende Kamer en van de Senaat, met vertegenwoordigers van het Migratieagentschap, het ministerie van Binnenlandse Zaken, het Nationaal Agentschap voor Sociale Bescherming, de Commissaris voor Kinderrechten en andere relevante instellingen. Op het kantoor van de OVSE-projectcoördinator in Oezbekistan sprak de delegatie met medewerkers van de OVSE en vertegenwoordigers van de internationale gemeenschap en het maatschappelijk middenveld. In zowel Tasjkent als in Samarkand, historisch gezien een van de belangrijkste regio's van herkomst van arbeidsmigranten in Oezbekistan, bezocht de delegatie beroepsopleidingscentra voor toekomstige arbeidsmigranten en ging zij in gesprek met studenten.